Hollandsch Lobbyen: het gilde breidt zich uit

Joris Luyendijk schreef in zijn boekje ‘Je hebt het niet van mij, maar…‘ over het lobbyistengilde, dat in Den Haag en Brussel een flinke vinger in de pap heeft. Volgens Luyendijk zou er meer aandacht moeten zijn voor deze lobbyistenclub en wat zij zoal uitvreten. Vanaf vandaag brengt dit blog u met enige onregelmaat de wederwaardigheden van één zo’n lobbyist, die – het zal u niet verbazen – schrijft onder pseudoniem. ‘Agent N. N.’ verbaast zich in zijn introductie over het gebrek aan interesse van Kamerleden voor Schiphol en het gemak waarmee oud-politici toetreden tot het lobbyistengilde.

Door Agent N.N.

Het kamerreces is begonnen, kamerleden gaan op campagne. Om de Eerste Kamer en provinciale staten te vullen met zoveel mogelijk van hun collega’s. Voor ons, lobbyisten, breekt even een rustiger periode aan. De Kamer is leeg, afgezien van een enkel hardwerkend Kamerlid dat de campagnebezoeken in de provincie aan zich voorbij laat gaan en stug doorwerkt aan zijn of haar inbreng voor een debat over de  EU-visquota vlak na het reces.

Wij, de steeds groeiende groep lobbyisten rond het Binnenhof,  maken ons alvast op voor de nieuwe Eerste Kamer die eind mei – getrapt  – gaat worden gekozen. Maar aangezien die Eerste Kamer zelf al vol lobbyisten zit blijft de Tweede Kamer ons belangrijkste werkterrein. En wat zijn daar de ervaringen van de eerste maanden onder het Kabinet Rutte-Verhagen? Ik zal daar de komende tijd over berichten. Nu pik ik er vast twee punten uit:  de vele hoorzittingen en de drie nieuwe collega’s.

Hoorzittingen in de kneuterpolder
Eerst de hoorzittingen. Ze gingen over Schiphol, over Kunduz, over de banken, pensioenen, postmarkt, en ga zo door. Dat klinkt indrukwekkend. Naar Amerikaans voorbeeld neemt ons parlement  haar toezichthoudende en wetgevende functie serieus. De hoorzittingen spelen in de VS een heel  belangrijke rol bij het ontwikkelen en formuleren van overheidsbeleid. Maar is dat bij de Tweede Kamer ook zo?

De eerste ervaringen stemmen somber. Op een dag worden 40-50 belanghebbenden uitgenodigd. Laten we Schiphol nemen als voorbeeld. Over de hoorzitting over Kunduz is al veel bericht, maar voor een Schiphol-hoorzitting is veel minder belangstelling. En dat is opmerkelijk. Want voor het eerst in 2 jaar werd er tijdens een hoorzitting over de toekomst van de luchtvaart in Nederland gesproken, over de groei van Schiphol en van de regionale vliegvelden. Vijf Kamerleden hadden tijd vrijgemaakt om de genodigden te ondervragen – een beetje karig aantal, gezien het enorme belang van Schiphol en de luchtvaart voor de Nederlandse economie. Provinciale bestuurders, de luchtvaartbobo’s, bewoners, gemeenten, iedereen mocht langskomen.  Maar vindt er tijdens zo’n hoorzitting ook echte waarheidsvinding plaats? Worden er serieuze noten gekraakt?

Nee. Dat is teveel gevraagd. In een uur tijd worden telkens tien mensen gehoord. Iedereen mag een kort statement maken. En dan is er ruimte voor vragen door de Kamerleden. Iedereen kan dus nog één keer een extra vraag beantwoorden. Het is vragen naar de bekende weg. Aan de KLM was die bijvoorbeeld:  “Wilt u groeien op Schiphol?” Het antwoord: “Ja, graag!”

Verrassend. Vergelijk dat eens met de bankiers van Wall Street die stevig doorgezaagd werden door de Senaatscommissie op Capitol Hill. Oh, de manier waarop de Democratische Senator Carl Levin het voormalig hoofd hypotheken van Goldman Sachs ondervraagt over de “shitty deals” die de bank willens en wetens verkocht aan zijn klanten. Smullen! (Youtube-alert.)

Nee, dan de de hoorzittingen in Nederland. Die zijn helaas een ritueel, een voorwas die nodig is om vervolgens op andere plaatsen te onderhandelen en tot besluitvorming te komen. Want over Kunduz werden natuurlijk geen nieuwe inzichten gedeeld in de hoorzitting. Dat gebeurde in het overleg tussen Mark Rutte en Jolande Sap op het Torentje, zo bleek later. En de toekomst van Schiphol? Die was allang uitgezet door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, waar oud-minister Camiel Eurlings  in een innige omstrengeling met de KLM de vliegtaks afschafte, door vulkaanwolken wilde vliegen en hardhandig de nieuwe luchthaventarieven van Schiphol van tafel veegde, omdat die niet altijd even gunstig waren voor KLM en ruimte gaf aan de concurrentie.

En dat alles maakt het werk van de lobbyist er niet eenvoudiger op. De verplichte rondjes langs Kamerleden worden zo op z’n best een ritueel, een folkloristisch gebeuren, een carnavalsoptocht. We zetten allemaal onze mooiste praalwagen in, in de hoop de eerste prijs te winnen, niet wetend dat Prins Carnaval allang zijn keuze heet bepaald in Cafe De Struisvogel samen met de Raad van Elf.

Lobbyisten hebben journalisten vaker nodig
Is lobbyen dan zinloos geworden? Nee. Het  moet alleen steeds vaker via heel veel verschillende wegen en op andere manieren. Wetenschappers, kranten , journalisten, NGO’s, dat zijn in toenemende mate de doelen van lobbyisten. Facebook, Twitter, alles doet mee. Vroeger mocht je er als lobbyist of bedrijf nog van uitgaan dat het kat in ’t bakkie was als een bepaalde maatregel in het regeerakkoord stond. Het kabinet besloot vervolgens conform de afspraken, zolang er een Kamermeerderheid was.

Welnu, met het gedoe rond het rekeningrijden is aangetoond dat het zo niet meer werkt. Als de Telegraaf (gesteund door een organisatie als de ANWB) zich kwaad maakt, dan staat het gansche raderwerk van parlement en regering stil. Dus zie je lobbyisten in toenemende mate met journalisten praten en op pad gaan naar organisaties die ze voorheen links lieten liggen. Dat maakt het werk ingewikkelder, maar ook een stuk leuker.

Wouter, Jan Peter en Camiel
En dan nog even over de drie nieuwe collega’s die wij van het Lobbyistengilde onlangs mochten verwelkomen in ons midden. Wouter Bos (KPMG), JanPeter Balkenende (Ernst & Young) en Camiel Eurlings zijn overgestapt. Het zijn lobbyisten geworden. Alleen mogen we dat niet zeggen, want dan is de wereld te klein. Een ethische vraag is zo gesteld en god verhoede dat er gedragsregels of, erger nog, wetgeving zou worden opgesteld die dit soort overstapjes onmogelijk maken.

Deze week werd Eurlings toegevoegd aan het gilde. Natuurlijk, hij gaat vracht doen bij Air France–KLM. Maar da’s nog best pittig en kan je niet zomaar, zelfs niet als logistiek ingenieur.  Maar Camiel zit er dan ook niet vanwege de logistiek. Welnee, zijn job is Kamerleden doorsteppen. Borrelen, etentjes, praten, masseren, kneden. Want veel akkoorden en de zo belangrijke ‘open skies’-verdragen die de nationale trots en werkverschaffer Air France-KLM vooruit helpen worden nog steeds door overheden afgesloten.

Dus verwacht veel bezoeken van Camiel aan oud-collega’s in Azië en de VS, maar ook CDA-maatje en Kamerlid Joop Atsma zal zich op bezoekjes van zijn voorganger mogen verheugen. Dat was nu juist het onderdeel van het werk dat KLM-man Peter Hartman een stuk minder leuk vond. Hartman is in hart en nieren KLM’er, opgegroeid in de dagelijkse operatie. Die houdt niet van lang onderhandelen en vergaderen met de overheid. Laat dat maar over aan ‘ons’ Camiel.

Dus welkom tot het gilde, Camiel! We hopen jou, Wouter en Jan-Peter veel te zien bij één van de vele borrels de komende tijd.

Eén gedachte over “Hollandsch Lobbyen: het gilde breidt zich uit”

Reacties zijn gesloten.