in Analyses, Meningen, Verkiezingen, Voorpagina

EEN TIJD VAN LOUTERING

“Op alle niveaus is de politieke en ideologische discussie verdwenen. Het middel is doel op zichzelf geworden… Conferenties en congressen werden gemanipuleerde bijeenkomsten… Medewerkers en kandidaten komen niet langer uit het actieve afdelingskader, maar worden van buiten aangetrokken. Acties staan in dienst van de Haagse parlementaire politiek en zijn gericht op een stukje en een plaatje in de krant.”

U dacht dat het over de PvdA ging? Bijna goed. Het bovenstaande is een verzameling regels uit een brief geschreven door een (inmiddels vermoedelijk ex-)lid van de SP. Maar het is dat dit er even bij gezegd wordt want u dacht dat het over de PvdA ging. En dat is natuurlijk ook wel mijn bedoeling, want de redenen die het 70-jarige SP-lid aanvoerde in zijn schotschrift Afscheid van de SP zijn exact de de redenen die nu de PvdA electoraal de das om doen.

Een discussie over de koers van de PvdA is nodig. Zoals voormalig Tweede Kamerlid voor de PvdA (en tegenwoordig wethouder in Almere) Adri Duivesteijn in de uitzending van Nova van 30 maart zei: “Er zijn geen vergezichten in de PvdA.” Ook zei hij treffend dat de PvdA qua beginselen niet in “één keer te grijpen is” – als kiezer. Zoals op dit blog dus al eerder gezegd is: noem de SP, en de argeloze voorbijganger identificeert die partij binnen 5 seconden met ‘links’, ‘sociaal’, ‘komt op voor de zwakkeren in de samenleving’, etcetera. Dat wordt dus al een stuk moeilijker bij de PvdA. Daar hoor je mensen eerder ‘zakkenvullers’, ‘bestuurders’ en soms ‘verraders’ zeggen. (Adri Duivesteijn schreef hier overigens in 2002 al een ijzersterke, heldere analyse over die vandaag zonder enig probleem gereproduceerd kan worden, zó actueel is hij nog.)

Onlangs mailde ondergetekende met René Cuperus, lid van de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA dat vandaag het boek ‘De Verloren Slag’ uitbracht. Het boek legt pijnlijk duidelijk de vinger op de zere plek van de PvdA en benadrukt het verlies van identiteit van de PvdA. Het is een ruige doch feilloze analyse en wie ‘De Wouter Tapes’ twee keer heeft gekeken en laten bezinken, hoeft dat boek waarschijnlijk niet eens meer te lezen, want de pijnpunten die erin beschreven worden kwamen via die documentaire al scherp in beeld. In de mailwisseling werden veel platgetreden paden nog maar eens betreden maar mijn crux was één punt, dat door Cuperus en Frans Becker niet aangestipt werd.

Cuperus merkt, ook in zijn boek, eigenlijk op dat de oude PvdA-idealen nauwelijks of niet tastbaar terug te vinden zijn bij de huidige PvdA. Maar dan moet je je ook afvragen wie er momenteel de leiding hebben binnen die partij, of eigenlijk wat. Dat zijn dertigers en veertigers, en laten nou net heel veel dertigers en veertigers in deze tijd gruwen van alleen al het woord ‘ideologie’. Cuperus vond dat een “goede observatie” en in die twee woorden ligt veel, héél veel, want eigenlijk beaamt Cuperus daarmee dat niet alleen Wouter Bos, maar ook partijvoorzitter Michiel van Hulten en de partijleiding (vrijwel allen van dezelfde leeftijd immers) ook last hebben van die gruwelverschijnselen, en dat daardoor men een discussie over de kern-ideeën van de PvdA blijft ontwijken.

Dan moet je misschien toch gaan nadenken over de vraag of die mensen, die die ideologische grondvraag-discussie tegenhouden, wel de juiste mensen zijn om die discussie aan te gaan. Ja, campagne-technisch goed bezig zijn is een groot goed en ja, je zult altijd een war room met campagnestrategen nodig hebben om het CDA en de SP een kopje kleiner te maken (zij doen dat immers net zo hard), maar allereerst zul je duidelijk moeten maken waar je partij in de kern voor staat. Oh, en voor de marketingmensen onder u, die vaak figureren in juist de campagneteams: als mensen aan je product niet zien dat het een schoen is, is het geen schoen, hoe hard je ook schreeuwt dat het ’t beste product op de markt is.

Die discussie moet er alsnog komen en met initiatieven als die van de Wiardi Beckman Stichting en het nog komende rapport van de commissie Vreeman, over hoe het kwam dat de PvdA de landelijke verkiezingen van vorig jaar verloor, zal die discussie ook echt wel op gang komen. Vele PvdA-afdelingen morren en die onvrede laat zich dit keer niet terug onder het deksel stoppen door succesvolle tussentijdse verkiezingen, want die komen er voorlopig niet. Sterker, het zou zéér onverstandig zijn van de partijleiding om dat doofpotten toch te proberen, want dit keer laat men zich niet sussen. Daarom kan deze periode van diepgaande, splijtende kritiek, die door de media natuurlijk alleen maar toegespitst wordt op het afmaken van de leiders, juist louterend werken en wellicht leiden tot het zo broodnodige ‘aha-moment’.