in Analyses, Voorpagina

Rutte en Samsom moeten kiezen: stabiliteit of het regeerakkoord

Schermafbeelding 2013-02-08 om 23.54.39De komende twee jaar moet het kabinet iedere dag genadebrood eten in de Eerste Kamer, waar de regeringspartijen geen meerderheid hebben. De eerste klap heeft het al moeten incasseren: het CDA blokkeert de woningmarktplannen. En er komt nog veel meer aan. Rutte en Samsom zullen een keuze moeten maken tussen hun ambities. Als het hen ernst is een stabiel kabinet in het zadel te houden, dan zullen ze zich flexibeler moeten opstellen en blijft van het regeer- akkoord niet veel over. Kiezen ze ervoor te proberen zo veel mogelijk uit het regeerakkoord te realiseren, dan is het met dat stabiele kabinet waarschijnlijk snel afgelopen.

Mark Rutte en Diederik Samsom waren juist zo trots dat ze in de formatie kozen voor een ander soort onderhandelen: de uitruil. De VVD helpt de PvdA een paar PvdA-punten te realiseren, en de PvdA helpt de VVD een paar VVD-punten door te voeren. Maar nu moeten ze in de Eerste Kamer alsnog de voorstellen in de politieke blender stoppen.

Want het is inmiddels duidelijk dat de oppositiepartijen het menen wanneer ze zeggen dat hun senatoren ook in de Eerste Kamer langs partijlijnen zullen stemmen. Vandaar dat Stef Blok lachend als een boer met kiespijn langs een draaiende camera van RTL4 naar het CDA in de Tweede Kamer moest om steun te halen voor zijn plannen.

Een pijnlijk moment voor het kabinet, want de Haagse mores zijn duidelijk. Als minister komt een oppositiepartij altijd naar jou toe. Want die partij heeft immers geen macht. Dus als de  minister naar de oppositionele fractieburelen moet afdalen, dan is meteen duidelijk waar de macht ligt. Het is niet moeilijk te raden wie de RTL4-redactie had ingeseind over het hoge bezoek.

Dat trucje zullen Groenlinks, D66 en de SP — alledrie ook goed vertegenwoordigd in de Senaat — de komende maanden graag herhalen voor Jet Bussemaker (onderwijsplannen), Edith Schippers en Martin van Rijn (zorghervormingen), Lodewijk Asscher en Jetta Kleinsma (sociale hervormingen, pensioenen) en Ronald Plasterk (provinciale en gemeentelijke herindelingen).

Zal dit allemaal meteen leiden tot een vleugellame regering? Dat hangt af van de vraag hoe de coalitie met dit alles omgaat en hoe slim de oppositie het spel gaat spelen. Het doel van oppositiepartijen is aan de macht komen, en dus het laten struikelen van het zittende kabinet. Ervaren oppositieleiders weten dat hoe harder je op een coalitie inbeukt, hoe meer die coalitiepartijen zich juist aan elkaar vastklampen. Het omduwen van een regering is dus een kwestie van de lange adem, van iedere dag met een vijl wat van het cement dat de bakstenen bij elkaar houdt wegpoeren.

Schuren en vijlen
De formule is Tijd x Frustratie + Bananenschil = Val Kabinet. De truc is om af te zien van de verleidelijke frontale aanval en via aanvalletjes vanuit de flanken processen te frustreren en de coalitiepartijen tegen elkaar uit te spelen.  Als naast de woningmarktplannen ook de processen rond de andere grote hervormingen zulke slijtageslagen worden met als uiteindelijk resultaat dat er weinig overblijft van de originele voorstellen, dan loopt het chagrijn in de Trêveszaal snel op en gaat het in de coalitie schuren. Dan hoeft er maar één bananenschil langs te komen en het is mis.

Een voorbeeld van zo’n bananenschil is de strafbaarstelling van illegaliteit. Het is in Den Haag publiek geheim dat de Senaatsfractie van de PvdA daar meer dan grote moeite mee heeft. In de Eerste Kamer is er op papier een meerderheid van VVD, CDA, PVV en SGP (precies 38 zetels) voor dit voorstel, dus de PvdA kan in theorie het geweten volgen en tegen stemmen. Maar wat nu als het CDA uit politiek opportunisme opeens ook tegen stemt? Dan zal de PvdA-fractie toch echt voor moeten stemmen om dit voor de coalitiepartner belangrijke voorstel aan een meerderheid te helpen. Een ‘Nacht van Barth’ ligt in het verschiet.

Wat het makkelijk maakt voor de oppositiepartijen is dat zo duidelijk is waar in het regeerakkoord de pijn zit: de heilige 16 miljard euro aan bezuinigingen. Iedere minister moet zijn of haar bezuinigingsopdracht in principe binnen de eigen portefeuille en de eigen gelederen oplossen.

Lukt het Blok bijvoorbeeld niet om met zijn huidige plannen die 2 miljard binnen te halen, dan moet hij dat op een andere manier fiksen binnen zijn eigen begroting. Gaat dat niet, dan moet één van de VVD-collega’s bijspringen. Kan dat ook niet, dan wordt het een coalitiekwestie en moet het regeerakkoord opengebroken worden. Daar wordt men heel chagrijnig van want zo’n heronderhandeling kost veel politiek kapitaal.  Rutte staat al bij Samsom in het krijt vanwege het schrappen van de inkomensafhankelijke zorgpremie en dan moeten al die andere grote hervormingen ook nog ter tafel komen.

Maak een keuze
De formatie kende naast de uitruil nog een unicum. In het eerste gesprek tussen Rutte en Samsom legden ze hun verkiezingsprogramma’s terzijde. Willen ze een (in de recente geschiedenis) nieuw unicum bewerkstelligen – namelijk een stabiel kabinet dat de hele rit uitzit – dan zullen ze de rigiditeit van die 16 miljard ook terzijde moeten leggen. Doen ze dat niet en kiezen ze voor de methode-Blok, dan is er een reëele kans dat we opnieuw Tweede Kamerverkiezingen hebben nog vóór de Provinciale Statenverkiezingen van 26 mei 2015 — ironisch genoeg de verkiezingen die een nieuwe Eerste Kamer gaan opleveren.