in Meningen, Voorpagina

Wouter Bos en het begin van het einde

Ed van Thijn gooide vandaag de knuppel in het hoenderhok. Het ging bijna ongemerkt, maar tijdens een interview op BNR Radio gaf de politiek zeer ervaren partij-coryfee toch echt het startschot voor de aanval op Wouter Bos.

Het heeft nog lang geduurd, maar met Van Thijn’s begin lijkt voor de partijleider het einde aangebroken. De vraag is wie het stokje van Van Thijn over durft te nemen.

Ed van Thijn is een bedachtzaam politicus. Hij kent het klappen van de zweep maar al te goed, en weet dus dat hij uiterst behoedzaam moet zijn in een tijd dat de PvdA er slecht voor staat in de peilingen en de partijleider onder vuur ligt. Dus denk je: Van Thijn houdt zich koest.

Maar niets is minder maar. In plaats daarvan neemt hij juist de vlucht naar voren. Het blad voor de mond gaat af en daar is hij, en plein publique twijfel zaaiend en hopend dat iemand die handschoen oppakt.

Hoe dan ook, Ed van Thijn heeft misschien afgelopen week ook de uitzending van praatprogramma ‘Pauw & Witteman’ gezien, en toen hij de tenenkrommende deconfiture van Wouter Bos zag, net als veel anderen ook gedacht: “En nu is het genoeg.”

De Partij van de Arbeid staat in de peilingen op 18 zetels. Misschien daalde de partijleider om die reden af van zijn Olympus om zich afgelopen week te vervoegen bij ‘Pauw & Witteman’. De presentatoren vertelden de kijkers in de aankondiging van het programma dat Bos expliciet was gekomen om te praten over de huidige problemen van de PvdA, waaronder de lage peilingen.

Doorgaans is het gezellig keuvelen bij ‘Pauw & Witteman.’ Maar helaas voor Wouter Bos: geheel tegen zijn tegenwoordige natuur in, leek Paul ‘Automatische Piloot’ Witteman eventjes teruggeglipt te zijn in zijn rol van ras-interviewer van weleer.

Als een pitbull terrier sprong hij Wouter Bos in de nek en liet niet los tot hij antwoord zou krijgen. Het probleem voor Wouter Bos: dat antwoord kreeg Witteman niet, en toen werd het pas echt pijnlijk.

Het gestamel en gestommel van Bos was niet alleen tenenkrommend om aan te zien, het betekende ook zijn definitieve deconfiture.

Pitbull Witteman stelde Bos nochtans een eenvoudige vraag. Hij leidde die in door te zeggen dat de gewone man de SP vrijwel automatisch associeert met ‘links’ en ‘sociaal beleid’. En dat GroenLinks doorgaans vanzelf geassocieerd wordt met ‘milieu’ en ‘sociaal beleid’.

“Maar nu de PvdA, meneer Bos. Waarmee associeert u nou de PvdA?”

Bos staarde Witteman een moment aan, knipperde met zijn ogen, en begon de namen van “de uitstekende ministers die we hebben…” op te noemen. Sommige van die ministers, en ik durf zelfs te stellen bepaalde staatssecretarissen, zijn inderdaad erg goed. Maar het was niet het antwoord op de vraag.

Witteman stelde hem opnieuw. “Waarmee associeert de gewone man de PvdA?”

Bos staarde Witteman weer even aan, en begon beleidsplannen van de PvdA in de huidige regering op te noemen.

Wouter Bos, kortom, heeft zo’n enorm bord voor zijn hoofd dat hij zelf niet eens meer kan benoemen wat voor partij de PvdA is, en waar die voor staat. Hij weet het gewoon niet.

Ik keek ademloos toe, maar zag spoken uit het verleden. Terwijl ik wel Bos’ stem hoorde, luisterde ik naar flarden, echo’s. Opeenvolgende interviews met Gerrit Jan Wolffensperger, Thom de Graaf, Rogier van Boxtel, Boris Dittrich raasden aan mij voorbij.

Inderdaad, D66’ers. De leiders van die partij wisten ook niet waar ze het moesten zoeken als de centrale vraag werd gesteld: “Wat is uw partij?”

“Eh, wij zijn vrijzinnig.” “Sociaal liberalen.” “Democraten, meneer. De-mo-cra-ten.” “Nee, vrijzinnige democraten!”

Maar die mensen hadden nog hun best gedaan, ’s ochtends voor de spiegel. Verder ratelden ook zij almaar bullet points af, noemden ze namen van goede ministers. Alles om maar te verbloemen dat D66 eigenlijk helemaal geen eenduidige, centrale boodschap heeft. De enige missie die de partij ooit had – democratische vernieuwing – had men toch al zo goed als aan de wilgen gehangen.

Dus wat is dan de missie van de PvdA volgens Bos?, vroeg ik mij af. Dat wilde Witteman ook weten. Maar Bos vraagt het zichzelf kennelijk ook nog steeds af. En dat is desastreus.

Ik wees Jacques Monasch op de uitzending. Hij hief zijn armen ten hemel. “Bos weet het gewoon ECHT niet!”, riep hij verbrouwereerd.

Van welk een schouwspel waren wij getuige geweest…! Al die tijd dachten we dat Bos misschien iets wist wat wij niet wisten, dat hij op de achtergrond de hele tijd bezig was met het uitstippelen van een nieuwe ideologische koers voor de partij. Zo’n bolleboos, immers, die om de zoveel tijd op bezoek gaat bij die knappe koppen van het Policy Network van progressieve internationale politici… Die moet toch iets achterhouden.

Wat een desillusie. In plaats daarvan was de enige objectieve constatering die na de uitzending van ‘Pauw & Witteman’ gemaakt kon worden, deze: Wouter Bos heeft geen centrale boodschap voor de PvdA. Hij kan zelf niet (meer?) benoemen waar de partij voor staat, wat de partij wil, voor wie het iets wil, en waarom.

Dit kan niet veel langer zo doorgaan. Van Thijn en, zo beloof ik u, ook enkele anderen zijn het daarmee eens.

Ook Rooie Veren heeft altijd geweigerd in te gaan op de machtsvraag. Het zou alleen maar afleiden van de kern van onze zaak, de inhoud, en die was en is het teruggeven van de centrale boodschap aan de partij, het herontdekken van de missie.

Maar nu begint er toch iets te knagen.

  1. Als het de bedoeling was van de PvdA onder Wouter Bos om hier New Labour nog eens dunnetjes over te doen (die in het Verenigd Koninkrijk ondertussen de Tories rechts hebben ingehaald en het land ongeveer in een concentratie- annex werkkamp hebben omgetoverd) dan hebben ze daar de verkeerde voor uitgezocht. Want dan moet je wel héél glad kunnen liegen, draaien en de kiezers bespelen, en zelfs daar is de betovering nu onderhand wel uitgewerkt.

    Het pleit voor Wouter Bos dat hij deze vaardigheden niet afdoende beheerst, het leidt alleen wel herhaaldelijk tot pijnlijke vertoningen.

    Ondertussen is de huidige club in eigen land nog lekker bezig om de burger te vertellen wat hij/zij moet denken, voelen en doen, tot achter de voordeur te spioneren voor het geval de behandeling niet voldoende aan zou slaan, en de zweep te leggen over de laatste invalide werkloze (ook zo’n typische PvdA-hobby, met de complimenten van de VVD). Ik noem maar een paar zijstraten.

    Het zou je bijna doen verlangen naar een portie frisse zinloze anarchie a la ’68.

  2. Tot op zekere hoogte ga ik mee in uw kritiek.

    Het is inderdaad waar dat buitenlanders die Wouter Bos hebben leren kennen, altijd hoogst verbaasd zijn over de kritiek die hij hier in Nederland krijgt. De lage peilingen voor de PvdA snappen ze ook niet.

    Ik onmoette laatst zo iemand, een lid van een denktank die in de marges van het internationale Policy Network — waar Bos lid van is — onze minister van Financiën mocht leren kennen.

    Deze meneer was erg onder de indruk van Bos geraakt en hij concludeerde daarom maar dat de lage stand van de PvdA te maken heeft met “xenofobie” en de PvdA-standpunten over immigratie en integratie.

    Dat het veel kiezers wel degelijk ook om sociaal-economische standpunten gaat (hierom noemen veel boze kiezers de PvdA een stel verraders), begreep hij niet.

    Maar tot zover ga ik dus met u mee. Conclusies als zou New Labour de Tories rechts ingehaald hebben en Groot- Brittannië in een concentratie- annex werkkamp hebben veranderd, zijn ronduit ridicuul en werp ik verre van mij.

    Het tot achter de voordeur volgen van bepaalde mensen om te zien wat er thuis zoal gebeurt, is 1) wat de kiezer juist wil (totdat het hem zélf overkomt, uiteraard) en 2) soms noodzakelijk. Want je kunt proberen op het publieke domein goede zaken te doen, maar als de doelgroep bij het betreden van het (ouderlijk) huis al die zaken weer naast zich neer kan zetten, verdwijnt het effect. En gooi je miljoenen over de balk zonder resultaat.

    Noot: “zinloze anarchie a la ’68″… Geheimpje: onder de mensen die het tot achter de voordeur volgen, en sociaal-economische hervormingen steunen, zijn juist opvallend veel babyboomers die in die tijd met een spanddoek op de Dam stonden.

  3. De PvdA en de Maakbare Mens, ofwel bescherming is voor watjes.

    Beste admin, beste Kaj,

    (zo mag ik wel beginnen hoop ik?). Ja, mijn reactie was inderdaad gechargeerd, mag je wel zeggen. Maar het was wel om een punt over te brengen. Over de persoonlijke achtergrond hiervan wil ik het even niet hebben.

    Soms vallen er in je hoofd een aantal puzzelstukjes ineens op hun plaats, en dat gebeurde vandaag. Vanmorgen zag ik (op het begin na) een uitzending van het programma Boeken over het boek De Depressie Epidemie van Trudy Dehue. De schrijfster werpt hierin ook de vraag op of we deze epidemie (if any) misschien te wijten hebben aan de opkomst van de verzorgingsstaat, die van ons allemaal watjes zou hebben gemaakt. Een populaire visie, onder andere uitgedragen door schrijvers als Dalrymple en Furedi, die tegenwoordig op veel bijval mag rekenen, maar voor mij geen reden om eens lekker voor de uitzending te gaan zitten.

    De auteur keert het echter om: zij ziet aanwijzingen dat de toename van het aantal depressies juist verband zou houden met het einde van de verzorgingsstaat en de opkomst van het ideaal van de self-made, autonome mens. Succes is een keuze, en mislukking dus ook. Degenen die in deze competitieve atmosfeer niet kunnen gedijen hebben de neiging in een depressie te verzeilen en moeten met behulp van medicatie of wetenschappelijk verantwoorde hersenspoeling (ook wel Cognitieve Gedragstherapie geheten) weer terug in de race. Alles wat afwijkt van de gewenste dadendrang, competitie en assertiviteit is de minachting nog niet waardig.

    Zo, die zat. Dat was nog eens een staaltje cultuurkritiek op de zondagochtend. Mag de VPRO wat mij betreft een thema van maken, kunnen ze minstens een half jaar vooruit. Interessant boek ook, ik hoop dat ik het kan opbrengen om het te lezen.

    Later op de middag zag ik op Het Gesprek een uitzending met Mei Li Vos en Harry van Bommel over welke partij nou de échte partij van de Arbeid was. Alles koek en ei, leek het, een coalitie was zó gesmeed. Maar het venijn zat in de staart, toen Mei Li nog even de partijdoctrine afspeelde.

    Die gaat zo: de verzorgingsstaat is in deze geglobaliseerde wereld een gepasseerd station. Waar het om gaat is de mensen de kans te geven sterker te worden op de arbeidsmarkt, zodat ze zichzelf kunnen redden. En dat moest, heel ouderwets, desnoods met noeste avondstudie.

    Een prachtig verhaal, ongetwijfeld, voor alle jonge, intelligente en ambitieuze netwerkers die deze plannen uitbroeden. Doet bovendien niets onder voor de andere mannenbroeders in de coalitie. De PvdA heeft de prestatiemaatschappij omarmd. Maar of het ook voor iedereen zo gaat werken lijkt me helemaal de vraag. Niet iedereeen is eindeloos schoolbaar, belastbaar, flexibel, inzetbaar, jong en gewild. Of depressie-resistent.

    Een aantal mensen krijgt straks de klappen van het beleid, en ze weten het. Misschien nu, in een krappe arbeidsmarkt, nog niet, maar als we niet blijven groeien, groeien, groeien vallen zij buiten de boot, ik hoor het Sweder van Wijnbergen nog zeggen, en dan zullen ze merken dat de sociale bescherming grotendeels is afgebroken. En dan kan je er misschien wel een jaartje loonkostensubsidie tegenaan gooien, maar als dat over is sta je weer net zo hard op straat, en dan mag je weer aan zo’n verschrikkelijk reïntegratietraject meedoen.

    Is het vreemd dat er mensen weglopen bij de PvdA? Dat ze zich verraden voelen en hun heil zoeken bij de SP, of, als hun weerzin tegen allochtonen het wint, bij Rita of Geert?

    Waar ik voor zou willen pleiten is een zekere mate van onthaasting. Ofwel: een ontspannen arbeidsmarkt, één met verschillende snelheden. Een minder harde maatschappij, met naast uitdagingen ook een zekere bescherming, naast sancties ook perspectieven, een menswaardige benadering en een passende plaats voor iedereen, ongeacht mogelijkheden en beperkingen. Dat lijkt mij pas een aanlokkelijk perspectief.
    Dream on, zou je eraan kunnen toevoegen.

    Misschien is veel van dit alles ook wel terug te vinden in het partijprogramma. Je hoort het alleen niet. Bij alle mooie arbeidsmarktplannen wordt als eerste gezwaaid met sancties, santies, sancties. Ze zouden eens mogen denken dat de PvdA SOFT is. En het is wel degelijk ook de toon die de muziek maakt.

    Disclaimer: natuurlijk leven wij hier in een paradijs ten opzichte van grote delen van de wereld en ten opzichte van de generaties vóór (en waarschijnlijk na) ons. Dat wil niet zeggen dat er geen problemen zijn, en dat we ze niet zouden mogen benoemen, zie het depressieverhaal hierboven.

    P.S. Om op mijn overzeese voorbeeld terug te komen: natuurlijk is het Verenigd Koninkrijk door New Labour niet omgetoverd in een concentratie- of werkkamp, maar ik denk dat de ervaring voor degenen die het daar voor de kiezen krijgen niet prettig zal zijn, en verder dat de regering daar akelig autoritaire trekjes heeft ontwikkeld (inclusief het privacybeleid, daarin lopen ze een stukje op ons voor).

  4. Wat een stemmingmakerij. Binnen de PvdA mag je gelukkig best wel verschillend tegen zaken aankijken. Anders als bij CU, SP, CDA ja eigenlijk overal.

    En BN-newsradio, wat een slechte vooringenomen zender!

Reacties niet toegestaan.